Anti-kraak

Anti-kraak wordt vaak ingezet door eigenaren om een leegstaand pand te beschermen tegen inbraak en verzekeringstechnische risico's. Voor de eigenaar is het een uitkomst: de beheerkosten worden gedekt en het pand blijft "in gebruik". Voor de tijdelijke gebruikers biedt het een goedkope woonruimte in een krappe markt.

Omdat het aantrekkelijke vorm van beheer is, wordt het op veel plekken ingezet. Volgens het Keurmerk Leegstandsbeheer (KLB) wonen er tussen de 40.000 en 50.000 mensen in Nederland met een bruikleenovereenkomst. Naast woonruimte wordt er ook (tijdelijke) werk- atelier en kantoorruimte aangeboden.

Anti-kraak werd met name populair na de wijziging van de leegstandswet in 2010 waarin kraken strafbaar werd gesteld. Camelot, lange tijd de grootste speler in de sector, lichtte toe: 'Na het kraakverbod zijn we in omzet binnen een paar jaar gestegen van vijf naar dertig miljoen euro'. 'Gemeenten en pandeigenaren zijn door de antikraakwet een veel actievere rol gaan spelen om tijdelijke invulling te geven aan hun leegstaand vastgoed. Het kwam toen echt los.'

Het is gebruikelijk dat de vastgoedeigenaar een beheerovereenkomst aangaat met de leegstandsbeheerder. De leegstandsbeheer werft bewoners, die een bruikleenovereenkomst tekenen. De bewoner betaalt een gebruiksvergoeding van ca. € 300 - € 400 per maand die dient om de kosten van het leegstandsbeheer te dekken. De gebouweigenaar hoeft doorgaans geen directe kosten te betalen aan de leegstandsbeheerder.

De vaste lasten blijven doorgaans voor rekening van de gebouweigenaar. Kosten als onroerende zaak belasting en verzekeringen zijn doorgaans vast, of het pand nu gebruikt wordt of niet. Maar met name kosten voor gas, water en elektriciteit zijn wel afhankelijk van het aantal mensen dat het pand tijdelijk bewoont. Daarom wordt vaak gekozen om uitsluitend twee of drie bewoners te nemen, om management- en energiekosten laag te houden.

Verschuiving

De laatste jaren zien we een verschuiving naar de tijdelijke huurcontracten op basis van de Leegstandwet. Die zijn fundamenteel anders, omdat er een tijdelijke huurovereenkomst wordt gesloten. Hiervoor moet de eigenaar een vergunning aanvragen bij de gemeente. De gemeente toetst of het pand daadwerkelijk voldoet aan de voorwaarden (het pand moet echt leegstaan, de eigenaar moet een sloop- of verkoopplan hebben). Bij verhuur onder de Leegstandwet moet de eigenaar zich houden aan de regels voor huurprijsbepaling (al is er meer ruimte dan bij reguliere huur). Bij bruikleen kan de eigenaar/beheerder de vergoeding veel vrijer bepalen.

Deze tijdelijke verhuur wordt vaker toegepast wanneer een pand voor een langere periode (bijvoorbeeld 6 maanden tot tot maximaal 5 of 10 jaar) leegstaat. Dit biedt bewoners meer rechten en zekerheid, maar is voor de eigenaar administratief zwaarder en minder flexibel. Bruikleen kent in principe geen wettelijke einddatum vanuit het perspectief van het contract; de overeenkomst loopt simpelweg totdat die wordt opgezegd.

In 2023 is het Sociaal Label Leegstandsbeheer opgericht om vastgoedeigenaren te enthousiasmeren om over te stappen op sociaal leegstandsbeheer. Die sociale variant zou zich onderscheiden van regulier leegstandsbeheer door een intensievere manier (i.e. meer mensen per leegstaand pand) invulling te geven aan de beschikbare ruimte. En daarnaast een extra waardevolle maatschappelijke bijdrage te leveren, zoals huisvesting van kwetsbare groepen of invullingen die ook een bijdrage leveren aan de omgeving.

Partijen als LOLA (Leegstand Oplossers Amsterdam) en LOU (Leegstand Oplossers Utrecht) lijken hier wel op, maar presenteren zich bewust als een alternatief voor het traditionele anti-kraakmodel. Hoewel ze juridisch vaak gebruikmaken van vergelijkbare instrumenten (bruikleenovereenkomsten), positioneren ze zich als placemakers die leegstand juist willen activeren.

Aspect
Anti-Kraak
LOLA / LOU
Primaire focus
Beveiliging en risicomijding
Impact, verbinding en maatschappelijke waarde
Selectie
Gericht op "beheerders" die passen in het profiel
Gericht op "bruikleners" die bijdragen aan de community
Rol in de buurt
Vaak geruisloos; "de buren" merken er weinig van
Actief de buurt uitnodigen; met publieksprogrammering
Beheer
Bureaucratisch en transactioneel
"Kwartiermakers" die sturen op sociale cohesie en creativiteit
Financiële insteek
Vaak commercieel met winstoogmerk
Stichting met een niet-commerciële of maatschappelijke missie