Minister Mona Keijzer van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening gaat de Leegstandwet aanpassen om deze effectiever te maken. De aanpassingen zijn erop gericht om leegstand zo veel mogelijk te voorkomen en de periode van leegstand zo kort mogelijk te houden. Zo gaan gemeenten eerder in gesprek met eigenaren van een leegstaand pand. De aanpassingen werden als experiment al ingezet in Amsterdam en Utrecht en bleken daar succesvol.

De Leegstandwet moet ook gaan gelden voor ander vastgoed dan woningen, zoals kantoren en winkels. Gemeenten worden gestimuleerd om proactief beleid te ontwikkelen. In het volkshuisvestingsprogramma moeten zij voortaan aangeven welke maatregelen zij nemen om leegstand tegen te gaan. Daarnaast wil de minister raamvergunningen invoeren, waarmee verhuurders in één keer toestemming kunnen krijgen voor tijdelijke verhuur van meerdere woningen binnen een project.

'Leegstand is onwenselijk', zegt minister Keijzer. 'De woningnood is hoog en veel mensen zijn op zoek naar woonruimte. We doen er daarom alles aan om de bestaande gebouwen en woningen zo goed mogelijk te benutten, naast het bouwen van nieuwe woningen.'

De gemeente Amsterdam ziet al resultaat: sinds de invoering van het experiment zijn daar al 430 woningen weer in gebruik genomen. Uit de CBS-monitor over leegstand blijkt dat in Nederland 64.000 woningen langer dan een jaar leegstaan, waarvan er circa 12.500 mogelijk direct te benutten zijn.