Het Huidige Beleid
Gooise Meren heeft geen leegstandsverordening; GroenLinks-PvdA pleitte ervoor er een in te voeren om actiever te kunnen sturen op leegstand. De gemeente streeft naar een frictieleegstand van 4 à 5 procent — het niveau dat als gezond geldt omdat er altijd panden tussen twee huurders in zitten — en werkt aan een nieuwe centrumvisie specifiek voor Bussum. In het Programma commerciële voorzieningen en transformatiekader legde de gemeente eerder vast onder welke voorwaarden winkelpanden een andere functie kunnen krijgen.
Eén gemeente, vier zeer verschillende kernen
Gooise Meren ontstond uit de samenvoeging van Bussum, Naarden, Muiden en Muiderberg, en die kernen verschillen sterk. De leegstand in de gemeente concentreert zich vrijwel volledig in het centrum van Bussum: in de vesting van Naarden telde Locatus in hetzelfde jaar slechts één leegstaand verkooppunt. Dat maakt het gemeentebrede CBS-cijfer — 4,3% van de verblijfsobjecten zonder geregistreerde gebruiker op 1 januari 2025, ofwel 1.270 objecten — voor Bussum lastig te interpreteren: het is een gemiddelde over vier kernen met totaal verschillende situaties.
Wel opvallend is dat 47% van die gemeentebrede leegstand een jaar eerder ook al leegstond. Bijna de helft van de leegstaande objecten in Gooise Meren is dus niet kortdurend, wat in een gemeente met de woningdruk van het Gooi lastig te verklaren is uit marktdynamiek alleen. Bussum profiteert van een goede treinverbinding met Amsterdam en een koopkrachtig verzorgingsgebied, wat het hoge leegstandspercentage in het centrum des te opmerkelijker maakt.
Vooruitblik
Voor een winkelgebied in een van de meest welvarende regio's van Nederland is ruim tien procent leegstand hoog. Dat de leegstand vooral in de grotere panden zit, wijst op een structureel probleem: grootschalige winkelruimte is het moeilijkst opnieuw te verhuren en het duurst om te transformeren. Zonder verordening leunt de gemeente op de nieuwe centrumvisie en op vrijwillige medewerking van eigenaren. Een actueel, pandsgewijs beeld van de leegstand maakt zichtbaar of het om een handvol hardnekkige grote panden gaat of om een bredere terugloop — een onderscheid dat bepaalt welke aanpak kans van slagen heeft.