Het Huidige Beleid
De woningopgave is fors. In de prestatieafspraken heeft Weert vastgelegd tussen 2023 en 2026 jaarlijks 250 woningen te realiseren, en een deel daarvan komt uit transformatie van bestaand vastgoed. In de binnenstad heeft het omzetten van leegstaande panden naar woningen al zo'n 210 appartementen opgeleverd. De gemeente heeft meerdere ontwikkelgebieden aangewezen, waaronder het Beekstraatkwartier, het St. Louis-terrein en de wijken Keent en Moesel.
Het Beekstraatkwartier, rond het oude stadhuis aan de Beekstraat, springt daarvan het meest in het oog. Het stadhuis wordt sinds 2015 tijdelijk gebruikt, en na afloop daarvan werkt de gemeente aan een structurele herontwikkeling. In 2023 en 2024 liet zij daarvoor een haalbaarheidsonderzoek uitvoeren met verschillende scenario's, uiteenlopend van renovatie van de bestaande bebouwing tot sloop en nieuwbouw. De meest ingrijpende variant combineert wonen met een bibliotheek, eerstelijnszorg, welzijnsvoorzieningen en kantoren.
Voor de winkelstraat zelf schakelde de gemeente Stichting Streetwise in, die startende en ervaren ondernemers begeleidt bij het vinden van een locatie. Daarnaast verruimt de gemeente bestemmingen, zodat leegstaande panden makkelijker een andere functie kunnen krijgen.
Kampershoek, de Kanaalzone en het platteland
De leegstand in Weert speelt ook buiten de winkelstraat. De stad heeft grote bedrijventerreinen zoals Kampershoek en de Kanaalzone, met regionale, nationale en internationale industrie en logistiek. Daarnaast is de omgeving sterk agrarisch.
Vooruitblik
De Weerter aanpak kent twee sporen. Op korte termijn worden lege winkels ingevuld via ondernemersbegeleiding, op langere termijn wordt het winkelareaal verkleind en vastgoed omgezet naar wonen. Dat tweede spoor is bepalend, want de onderliggende oorzaak is een structureel overschot aan winkelmeters voor een veranderend koopgedrag. Dat lost zich niet op door panden opnieuw te verhuren. De leegstand die het lastigst in beeld te krijgen is, zit bovendien buiten de winkelstraat: in kantoren, boven winkels en in verspreide panden waar geen enkele monitor op let. Juist daar helpt een melding van bewoners om te zien wat er werkelijk speelt.