Het Huidige Beleid
De gemeenteraad stemde unaniem in met een leegstandsverordening voor bedrijfspanden in het kernwinkelgebied en de aanloopstraten. De kern daarvan is een meldplicht: leegstand vanaf zes maanden moet bij de gemeente worden gemeld. Daarna volgt overleg met de eigenaar over hergebruik, tijdelijke invulling of transformatie, en worden de vervolgstappen vastgelegd.
Naast de verordening maakt de gemeente concrete afspraken met eigenaren. Samen met vier vastgoedeigenaren tekende zij een overeenkomst die moet leiden tot transformatie van ongewenst leegstaand winkelvastgoed. In totaal gaat het om ruim 2.200 vierkante meter, om te zetten naar twaalf woningen, twee horecazaken en drie kleinere winkelruimtes. De bredere Visie Binnenstad zet in op een centrum dat niet langer alleen om winkelen draait.
Philip Morris en de bedrijventerreinen
Hoewel de aandacht vaak uitgaat naar het kernwinkelgebied, is leegstand in Bergen op Zoom breder. De stad heeft een industrieel verleden en meerdere bedrijventerreinen, zoals Theodorushaven en Noordland. Een bekend voorbeeld van grootschalige leegstand was de sluiting van de sigarettenfabriek van Philip Morris op De Lage Meren in 2014, die een omvangrijk terrein vrijmaakte voor herbestemming. Deze vormen vallen grotendeels buiten de leegstandsverordening, die alleen op het kernwinkelgebied en de aanloopstraten ziet.
Vooruitblik
Een meldplicht is geen wondermiddel. Vooral maakt die de leegstand zichtbaar en dwingt een gesprek af. De vraag voor de komende jaren is of Bergen op Zoom bereid is de verordening ook te handhaven wanneer eigenaren niet melden, iets wat landelijk zelden gebeurt. Wat de verordening in elk geval oplevert, is inzicht: voor het eerst weet de gemeente structureel welke panden leegstaan. Dat is precies het overzicht dat elders vaak ontbreekt.