Het Huidige Beleid
De gemeenteraad gaf in 2019 opdracht tot een compacter centrum, nadat was gebleken dat de winkelleegstand in Deurne hoger lag dan het gemiddelde van kernen met een vergelijkbaar inwonertal. Die ambitie werd vastgelegd in de Integrale Centrumvisie, waarin het centrum verandert van een 'place to buy' naar een 'place to be'. Concreet betekent dat dat leegstaande winkelruimten een woonbestemming krijgen. Die aanpak leverde meetbaar resultaat op: waar de leegstand in december 2019 nog circa 7.000 m² bedroeg, was dat door transformaties teruggebracht tot ongeveer 5.000 m². Sinds 2020 gaat een aanjaagteam in gesprek met vastgoedeigenaren om transformatiemogelijkheden te onderzoeken. Daarnaast zijn alle leegstaande winkelpanden in het centrum in kaart gebracht in een pandenbank, die Centrummanagement Deurne als digitaal overzicht publiceert.
Een pandenbank als instrument
Deurne is opvallend omdat de gemeente precies doet wat elders vaak ontbreekt: bijhouden welke panden leegstaan en dat openbaar maken. Een pandenbank maakt vraag en aanbod zichtbaar voor makelaars, ondernemers en eigenaren, en maakt tegelijk toetsbaar of beleid werkt. Het verklaart waarom Deurne als een van de weinige gemeenten kan zeggen hoeveel vierkante meter leegstand er in een bepaald jaar verdween.
Buiten het centrum heeft de leegstandsopgave in Deurne een ander karakter. Het is een uitgestrekte plattelandsgemeente waar schaalvergroting en beëindiging in de agrarische sector leiden tot vrijkomende agrarische bebouwing: stallen en schuren die hun functie verliezen. Gemeentebreed had op 1 januari 2025 2,3% van de verblijfsobjecten geen geregistreerde gebruiker — 360 objecten, waarvan 40% een jaar eerder ook al leegstond.
Vooruitblik
Deurne laat zien dat een consequent volgehouden transformatiestrategie meetbaar effect heeft: tweeduizend vierkante meter minder leegstand is geen marginale verandering. Tegelijk staat er nog altijd een op de tien verkooppunten leeg en zit die leegstand in de grotere panden, waar omzetting naar wonen het lastigst is. De pandenbank en het aanjaagteam vormen een goede basis, maar de opgave in het buitengebied — vrijkomende agrarische bebouwing — vraagt om een heel andere aanpak dan die in het winkelcentrum, en is veel minder goed in beeld.