Een verordening voor niet-wonen
Op 26 mei 2026 nam de gemeenteraad een opvallend besluit: de introductie van een Leegstandsverordening 'niet wonen'. Waar vrijwel alle andere Nederlandse steden hun juridische instrumentarium op woningen richten, kiest Leeuwarden er bewust voor om commercieel vastgoed in het kernwinkelgebied aan te pakken. Eigenaren zijn vanaf juni 2026 verplicht leegstand van langer dan zes maanden te melden via Ondernemend Leeuwarden. Daarna volgt verplicht overleg met een gemeentelijke leegstandscoördinator. Passeert een pand de grens van twaalf maanden, dan krijgt de gemeente doorzettingsmacht om zelf een passende gebruiker aan te dragen.
Wethouder Abel Reitsma verdedigde de keuze in de raad met een helder argument: Leeuwardens leegstandsprobleem is primair kwalitatief, niet kwantitatief. De panden zijn verouderd of worden bewust te duur aangeboden. Dat is een ander probleem dan speculatieve woningonttrekking, en vraagt om een ander instrument.
Voor de uitvoering is 70.000 euro vrijgemaakt. Dat geld gaat niet naar handhaving maar naar ondersteuning: historische etalagestickers om visuele verloedering te camoufleren, en promotie via narrowcasting om startende ondernemers aan te trekken. Linkse oppositiepartijen vonden dat te zacht. Zij eisten dat na een jaar leegstand transformatie naar starterswoningen of studentenkamers op de bovenverdiepingen niet alleen gestimuleerd maar afgedwongen wordt.
De dorpen-paradox
Naast de binnenstad speelt in Leeuwarden een ander leegstandsvraagstuk dat elders zelden op de agenda staat: tweede woningen in de Friese dorpen. Gemeentelijke analyses toonden aan dat in toeristische kernen als Grou, Wergea en Warten ruim 3% van de woningvoorraad administratief leegstaat. Zo'n 25 tot 30 woningen per dorp dienen als onofficieel vakantiehuis, onttrokken aan de lokale markt, terwijl scholen en winkels buiten het seizoen leeglopen en Friese starters moeilijker voet tussen de deur krijgen. De raad gebruikt deze conclusies om de Huisvestingsverordening aan te scherpen, met het oog op een verbod op recreatief deeltijdgebruik van reguliere woningen.
Vooruitblik
Leeuwarden kiest voor een gerichte aanpak van de zichtbare pijnpunten in het centrum, en dat is verstandig. Maar etalagestickers en overleg bestrijden de symptomen van de retailcrisis, niet de oorzaak. Zolang de verordening 'niet wonen' strikt gescheiden blijft van de woningbouwopgave, dreigen eigenaren genoegen te nemen met een tijdelijke pop-up invulling, waardoor de transformatie naar gewenste binnenstadswoningen blijft stilliggen. De keuze om commercieel vastgoed wél en woningen níet aan te pakken is een bewuste keuze. Of die over twee jaar nog verdedigbaar is, hangt af van hoe snel de woningdruk verder oploopt.