Variaties in leegstand
Opvallend is dat de hoogste percentages van de provincie niet in de grote Twentse steden liggen, maar in kleinere, meer agrarische gemeenten als Staphorst (3,1%), Wierden (2,9%) en Haaksbergen (2,9%), waar vrijkomende agrarische bebouwing een grotere rol speelt dan winkel- of woningleegstand. In Twente-steden als Enschede en Hengelo, waar de textielindustrie in de jaren zestig en zeventig wegviel, gaat het juist vooral om winkel- en bedrijfsleegstand in de voormalige fabrieksgebieden — een ander type leegstand dan de administratieve CBS-cijfers over woningen alleen laten zien. De historische centra van Deventer, Zwolle en Kampen kennen relatief weinig leegstand: hun compacte, goed onderhouden binnensteden trekken juist bezoekers en kleinschalige bedrijvigheid aan.
Waarom de cijfers zo uiteenlopen
Twente maakte na de val van de textielindustrie een lange, moeizame overgang naar een diensten- en kenniseconomie. Veel van de negentiende-eeuwse fabriekscomplexen zijn inmiddels herontwikkeld tot woon-werklocaties, maar dat proces verloopt ongelijk: sommige panden vinden snel een nieuwe bestemming, andere staan al jaren te wachten op transformatie of sloop.
Beleid en programma's
Overijssel was een van de eerste provincies met de "Rood voor Rood"-regeling: eigenaren van vrijkomende agrarische bebouwing mogen overtollige, verouderde schuren en stallen slopen in ruil voor beperkte nieuwbouwrechten elders op het erf — een regeling die inmiddels ook in andere provincies als voorbeeld dient. Daarnaast investeert Overijssel via het programma Vitale Steden en Dorpen in de transformatie van leegstaand vastgoed in binnensteden, met extra aandacht voor de naoorlogse Twentse industriesteden waar de winkel- en kantorenvoorraad nog altijd groter is dan de vraag.
Vooruitblik
De opgave in Overijssel ligt minder in de totale omvang van de leegstand dan in de aard ervan: verouderde agrarische bebouwing in het buitengebied en verouderd bedrijfs- en winkelvastgoed in de voormalige textielsteden vragen om een andere aanpak dan reguliere woningleegstand, en om ander type instrumentarium dan de historische centra nodig hebben om hun lage leegstand op peil te houden.
Daarom is het belangrijk om leegstand te melden: het CBS-cijfer telt een leegstaande textielfabriek in Twente en een leegstaande stal in het buitengebied op dezelfde manier mee, terwijl de aanpak voor beide volledig anders is. Een actuele melding van bewoners of de redactie helpt om per pand het juiste verhaal boven tafel te krijgen.